De gierzwaluw (Apus apus) is een bijzondere vogel en onze ultieme zomergast. Ze arriveren eind april en blijven hier tot begin augustus. Dan vertrekken ze weer naar Afrika waar ze de winter doorbrengen. Oorspronkelijk een rotsbroeder is het nu een typische stadssoort.

Vroeger waren er nog spleten en kieren aan de huizen. Maar oude gebouwen worden gerenoveerd, gaten worden dichtgemaakt, het dak geisoleerd en afgewerkt. In onze nieuwe woningen is er geen gaatje meer te vinden onder een dakpan of een spleetje in de leembezetting. Alles zit potdicht. En daarmee zijn sommigen ook hun nestje kwijt. Het is dan ook niet verwonderlijk dat jaar na jaar het aantal gierzwaluwen afneemt.

Wat kunnen we doen?

Hier in Brussel zijn er al initiatieven die de gierzwaluwen ondersteunen en waarover we ook al eerder berichten maar nu willen we ook zelf in actie schieten en richten we een gierzwaluwenwerkgroep op die zich specifiek met deze soort gaat bezig houden.

Eerst en vooral moeten we weten waar ze broeden. Als we dat weten kunnen we ze beter beschermen. Daarom gaan we eerst proberen de broedplaatsen van de gierzwaluw in kaart te brengen. Dit kan je zelf op waarnemingen.be of je kan onze werkgroep vervoegen om dit op een meer gestructureerde manier aan te pakken. Als we weten waar ze broeden kunnen we dan zien wat we meer kunnen doen; nestbakken hangen en dergelijke…

De Toverfluit

Als eerste activiteit gaan we een gekende broedplaats in school de Toverfluit in Neerpede. Deze school heeft een gevel die vol met gaatjes zitten waarvan er maar liefst 252 voor gierzwaluwen geschikt zijn! Tien procent hiervan was in gebruik in 2016. Op maandag 27 juni gaan we hier naartoe om een nieuwe ‘inventaris’ te maken. Profiteer er van en kom eens kennismaken. Meer info nodig? Mail naar : biodiv.apus@gmail.com

De te inventariseren muren in de Toverfluit